Home » Publicaties » Advies Inperkingsmaatregelen voor zeven voermijtsoorten in kassen met gg-planten

Advies Inperkingsmaatregelen voor zeven voermijtsoorten in kassen met gg-planten

In 2025 heeft de COGEM-advies uitgebracht over inperkingsmaatregelen bij het gebruik van biologische bestrijders in PKb-I kassen met genetisch gemodificeerde (gg-) planten.  Daar werd gesignaleerd dat in producten met roofmijten ook zogenaamde voermijten aanwezig zijn die als voer dienen voor de roofmijten. Omdat niet duidelijk was of voermijten een risico vormen voor de verspreiding van stuifmeel wanneer zij in een kas met gg-planten worden ingezet, heeft de COGEM onderzoek laten doen naar de aanwezigheid van voermijtsoorten in producten met roofmijten.

Het rapport Presence and biology of astigmatid mite species in biological control products with predatory mites on the Dutch market” identificeert zeven voermijt­soorten die in roofmijt-producten voorkomen. Over de voermijt Carpoglyphus lactis heeft de COGEM eerder al geadviseerd dat er geen aanvullende inperkings­maatregelen nodig zijn. De COGEM concludeert dat voor vijf voermijtsoorten (Tyrolichus casei, Suidasia pontifica, Lepidoglyphus destructor, Acarus siro en Thyreophagus entomophagus) eveneens geen aanvullende inperkings­maatregelen nodig zijn, omdat het risico op verspreiding van gg-stuifmeel  verwaar­loos­baar klein is. De aanwezigheid van de voermijt Tyrophagus putrescentiae vormt echter wel een potentieel risico voor verspreiding. De COGEM adviseert daarom aanvullende inperkingsmaatregelen te nemen indien deze soort in kassen met gg-planten geïntroduceerd wordt.

Meld je aan voor de kwartaal- nieuwsbrief van COGEM

Laat jouw e-mailadres achter en blijf up-to-date over alle ontwikkelingen en mededelingen van de COGEM

Voer hieronder het e-mailadres in waarop je onze driemaandelijkse nieuwsbrief zou willen ontvangen.