Terug naar overzicht

Publicaties

Onderzoeksrapporten 17.03.2017

Aggregated proteins: are they infectious

(CGM 2017-01)

Veel ongeneeslijke ziekten van het centraal zenuwstelsel, zoals Alzheimer en Parkinson, gaan gepaard met een ophoping of aggregatie van eiwitten in hersen- en zenuwcellen. Lichaamseigen eiwitten nemen hierbij een andere structuur (vouwing) aan en zetten naburige eiwitten aan om ook verkeerd te vouwen. Als gevolg hiervan klonteren deze eiwitten samen (aggregeren) en hopen ze zich op in cellen, waardoor deze verstoord raken en afsterven.
Er is nog veel onbekend over deze aggregerende eiwitten, maar er zijn zorgen dat ze infectieus en overdraagbaar zouden kunnen zijn. De COGEM heeft in de laatste twee jaar verschillende keren geadviseerd om bij werkzaamheden met aggregerende eiwitten uit voorzorg extra veiligheidsmaatregelen in acht te nemen.
Om tot een betere risicobeoordeling te komen, heeft de COGEM een inventarisatie laten uitvoeren van de beschikbare informatie over de aard van aggregerende eiwitten en de mogelijke risico’s die de werkzaamheden met deze eiwitten met zich meebrengen.
Aan de hand van een literatuurstudie hebben de auteurs van het onderzoeksrapport zeven van de meest ‘verdachte’ eiwitten geïdentificeerd. Alle zeven eiwitten beschikken in meer of mindere mate over prionachtige eigenschappen. Ze aggregeren en kunnen structuurverandering induceren bij correct gevouwen eiwitten. Voor verschillende eiwitten is transmissie (overdracht) onder experimentele omstandigheden beschreven. De auteurs stellen dat voor de eiwitten amyloid B en serum amyloid A er aanzienlijke tot sterke aanwijzingen zijn dat ze prionachtige eigenschappen hebben. Echter voor geen van de zeven eiwitten is transmissie onder natuurlijke omstandigheden bekend.

De auteurs concluderen dat er reden is om voorzorgsmaatregelen te nemen, met name om  blootstelling van laboratoriummedewerkers te voorkomen, en dat meer onderzoek noodzakelijk is naar de mogelijke risico’s van overdracht in de kliniek bij operaties e.d. Eiwitaggregaten blijken zeer moeilijk te inactiveren en de auteurs pleiten voor het ontwikkelen van gevalideerde decontaminatiemethoden.