Terug naar overzicht

Publicaties

Adviezen 18.01.2013

Classificatie van en inschaling werkzaamheden met Influenza B virus

(CGM/130118-01)

De COGEM is gevraagd te adviseren over de classificatie van het Influenza B virus (FLUBV). Daarnaast is zij verzocht advies uit te brengen over de inschaling van laboratorium-werkzaamheden met genetisch gemodificeerd (gg-)FLUBV.
De aanvrager wil voor zijn onderzoek zowel wildtype gg-FLUBV deeltjes produceren als gg-FLUBV deeltjes waarvan het HA-eiwit is gemodificeerd. Met dit onderzoek hoopt de aanvrager mogelijkheden te ontdekken om de werking van griepvaccins te kunnen verbeteren.
Het FLUBV komt voornamelijk voor in mensen, maar is ook enkele malen aangetroffen in zeehonden en oorrobben. Er is echter geen dierreservoir bekend. Het FLUBV geeft over het algemeen een mild ziektebeeld en het is endemisch in Nederland aanwezig. Het FLUBV verspreidt zich net als het Influenza A virus (FLUAV) efficiënt onder de bevolking via aerogene transmissie. Er is een vaccin beschikbaar tegen het FLUBV en een infectie kan behandeld worden met antivirale middelen. Op basis van deze bovenstaande eigenschappen adviseert de COGEM FLUBV in pathogeniteitsklasse 2 in te delen.
Gebaseerd op bovenstaande classificatie adviseert de COGEM de in vitro werkzaamheden met het gg-FLUBV op ML-II inperkingsniveau uit te voeren. Aanvullend adviseert zij daarbij dezelfde voorschriften te hanteren als voor werkzaamheden met laagpathogene gg-FLUAV deeltjes. De COGEM adviseert voor de in vivo werkzaamheden met gg-FLUBV in combinatie met muizen minimaal een DM-II inperkingsniveau met aanvullende voorschriften. Tegen deze achtergrond en gezien de extra luchtbehandelingsmaatregelen heeft de COGEM geen bezwaar als de werkzaamheden in associatie met fretten, zoals door de aanvrager wordt verzocht, op DM-III inperkingsniveau uitgevoerd worden. Op genoemde inperkingsniveau’s en onder navolging van de aanvullende voorschriften acht de COGEM de risico’s verbonden aan voorgenomen werkzaamheden voor mens en milieu verwaarloosbaar klein.
Voorts signaleert de COGEM dat, sinds de maatschappelijke onrust die vorig jaar is ontstaan rond de biosecurity van het FLUAV, dit het eerste COGEM advies is dat wordt uitgebracht over werkzaamheden met een soortgelijk griepvirus en dat dit mogelijk tot vragen kan leiden vanuit de samenleving. Gezien de kenmerken van (gg-)FLUBV kunnen experimenten op een lager risiconiveau worden uitgevoerd dan die met het eerder genoemde FLUAV. Eenzelfde maatschappelijke onrust als die van vorig jaar zou dan ook niet op zijn plaats zijn.